Auto waxen: zo breng je wax goed aan
Je wast je auto, hij staat te glimmen op de oprit, en drie buien later plakt het vuil er alweer op alsof je niets gedaan hebt. Dat ligt zelden aan je shampoo. Het ligt eraan dat er geen beschermlaag op de lak zit die water en vuil afstoot.
Wax legt precies die laag erop. Krassen haalt het niet weg en gaten vult het niet, maar het geeft je lak diepte en zorgt dat vuil minder houvast krijgt. Aanbrengen is niet lastig, als je dun werkt en het juiste moment kiest. Hieronder loop je de hele route langs, van voorbereiding tot de laatste veeg.
Eerst schoon en glad, dan pas wax
Wax hecht op wat eronder ligt. Zitten er nog teerspatjes, insectenresten of remstof op de lak, dan sluit je die gewoon in. Was de auto dus volledig en werk in de juiste volgorde, zoals beschreven in auto met de hand wassen en detailen.
Doe daarna de vingertest. Strijk over de droge lak met je vingertoppen, eventueel met een dun plastic zakje over je hand. Voelt het korrelig, dan zit er ingebed vuil in dat er met een kleistaaf uit moet. Zie je bij strijklicht fijne cirkelvormige krasjes, dan verbergt wax die hooguit een paar weken, polijsten is dan de stap ervoor, zie auto polijsten: het complete stappenplan.
Kies je moment
- Werk in de schaduw, op een koele lak. In de volle zon droogt wax vast voordat je het kunt uitpoetsen.
- Zorg dat het echt droog is. Vocht in de lak of een bui binnen een paar uur verpest de hechting.
- Let op de temperatuur. Te koud verwerkt stroef en hardt traag uit. Het technisch informatieblad van je wax geeft het werkbare bereik.
- Ontvet na het polijsten. Polijstresten laten olieachtige restanten achter waar wax niet op wil pakken.
Aanbrengen: dun is de hele truc
- Verdeel de auto in vlakken van ongeveer een halve motorkap of één deur. Kleiner werken geeft je rust bij het uitpoetsen.
- Doe een klein beetje autowax op een applicator pad. Bij een vaste pasta bevochtig je het pad heel licht, dan pak je gelijkmatiger op.
- Breng de laag aan in rechte, elkaar half overlappende banen. Geen cirkels, daarmee zie je moeilijker waar je geweest bent.
- Houd het doorschijnend. Je moet de kleur van de lak nog door de laag heen zien. Een dikkere laag beschermt niet langer, maar poetst wel beroerder uit.
- Werk voorzichtig langs rubbers, ongelakt kunststof en matte sierlijsten. Wax droogt daar wit op. Plak ze af of neem morsplekken meteen weg.
- Laat een deel dat je net af hebt met rust en ga door naar het volgende paneel.
Uitharden en de vingertest
De meeste waxen trekken binnen enkele minuten dof weg. Dat is normaal. Wanneer ze eraf mogen, controleer je zo: veeg met een schone vinger over een hoekje van het paneel. Blijft er een heldere, strakke veeg staan, dan is het zover. Smeert het nog, dan wacht je een paar minuten. Sommige moderne waxen en spraysealants moeten juist meteen worden nagepoetst, lees dus altijd even het etiket.
Laat je wax te lang staan, zeker in de zon, dan gaat het uitpoetsen zwaar en trek je alsnog strepen.
Uitpoetsen zonder strepen
Pak twee microvezeldoeken: één om de wax weg te nemen, één schone en droge om na te poetsen. Vouw ze in vieren, dan heb je acht werkvlakken. Draai naar een schone kant zodra de doek verzadigd raakt.
Geen druk zetten. Lange, rechte halen, en eerst het grootste deel afnemen voordat je gaat natrekken. Zie je toch waas of strepen, dan is er bijna altijd te veel wax opgegaan of is de doek vol. Adem op de plek en poets hem uit met een schone kant.
Was je microvezeldoeken apart en zonder wasverzachter. Verzachter zet de vezels dicht, en dan smeert een doek in plaats van dat hij pakt.
Hoelang houdt het en wanneer opnieuw?
Kijk naar het water. Zolang het in strakke bolletjes op de lak blijft staan, doet je laag zijn werk. Vlakken de druppels af en blijft het water in plassen liggen, dan is het tijd voor een nieuwe beurt. Wat dat gedrag precies zegt over je bescherming, lees je in water beading en wat het betekent.
Wil je juist minder vaak aan de slag, dan is een keramische coating een optie: die vraagt meer voorbereiding en een strak schone ondergrond, maar gaat een stuk langer mee. Welk type bij jouw auto en jouw geduld past, zet welke autowax past bij jou naast elkaar.
Veelgestelde vragen
Moet ik altijd polijsten voordat ik ga waxen?
Nee. Polijsten is alleen nodig als je krasjes of doffe plekken wilt aanpakken. Is je lak gaaf, dan volstaat grondig wassen en zo nodig kleien.
Kan ik wax over een bestaande waxlaag aanbrengen?
Dat kan prima en is zelfs gebruikelijk bij tussentijds onderhoud. Was de auto wel eerst goed, anders wrijf je vuil door de nieuwe laag.
Waarom blijven er strepen achter na het uitpoetsen?
Meestal breng je te veel wax aan of gebruik je een doek die al verzadigd is. Werk dunner, pak vaker een schone kant en poets na met een tweede droge doek.
Mag ik ruiten en zwarte sierdelen ook waxen?
Op glas kan het, maar het geeft soms uitstrijken bij het wissen. Ongelakt kunststof en rubber sla je over: daar droogt wax wit op en dat krijg je er lastig weer uit.