Bijgewerkt op

Fades spuiten: zo maak je vloeiende overgangen

Een fade is de overgang waarin twee kleuren in elkaar overlopen zonder dat je kunt aanwijzen waar de ene stopt en de andere begint. Het is een van de eerste technieken waar je op stukloopt, want in je hoofd zie je een zachte verloop en op de muur staat een streep met een rand eromheen.

Dat komt zelden door de verf. Het komt door drie dingen die je zelf in de hand hebt: je cap, je afstand tot de muur en je tempo.

Waarom een fade mislukt

De meeste mislukte overgangen hebben dezelfde oorzaken:

  • De eerste kleur ligt te dik en te vol, waardoor de tweede er niet meer in kan zakken.
  • Je staat te dicht op de muur, waardoor je een harde, verzadigde rand krijgt.
  • Je stopt met bewegen tijdens het spuiten, met een loper als gevolg.
  • Je gebruikt een cap die te weinig verstuift, dus je krijgt vlekken in plaats van nevel.
  • Je wilt de overgang in één keer af hebben in plaats van in dunne lagen.

Onthoud vooral het laatste. Een fade bouw je op uit meerdere magere lagen. Elke laag mag maar een beetje bijdragen.

Cap, afstand en tempo

Voor fades wil je een cap die breed en zacht verstuift, met een fijne nevel aan de rand van het spuitbeeld. Een cap met een smalle, harde straal geeft je een scherpe lijn en juist geen verloop. Bouw de fade grof op met een brede cap en verfijn hem daarna met een middenmaat. Welke caps met verschillende sproeibreedtes welk spuitbeeld geven, staat uitgelegd in graffiti caps: welke cap voor welke lijn?.

De afstand bepaalt hoe zacht je rand is. Dichtbij, zeg een handbreedte, krijg je een geconcentreerde vlek met een harde overgang. Verder weg, zo’n dertig tot veertig centimeter, valt de verf als losse druppels neer en krijg je precies die korrelige nevel die twee kleuren laat samensmelten. Ga je nog verder, dan wordt de nevel zo droog dat hij stoffig aanvoelt en slecht hecht.

Afstand Effect Bruikbaar voor
10 tot 15 cm Dekkend, harde rand Vullen, geen fade
20 tot 30 cm Halfdekkend met zachte rand Opbouwfase van de fade
30 tot 45 cm IJle nevel, korrelig Het eigenlijke blenden

Dan het tempo. Je hand beweegt al voordat je de cap indrukt en stopt pas nadat je hem hebt losgelaten. Blijf je hangen op één punt, dan loopt de verf binnen een seconde of twee uit. Dat risico is het grootst in het midden van de overgang, precies waar je extra aandacht wilt geven.

De druk van de bus telt ook mee. Een bus met lage druk geeft je meer controle in de nevel en is voor fades bijna altijd prettiger. Wat het verschil in de praktijk doet, lees je in low pressure of high pressure: welke spuitbus kies je?.

Stap voor stap een fade zetten

  1. Schud beide bussen goed, minstens een minuut, en test op karton. Zo ken je je spuitbeeld voordat je de muur raakt.
  2. Zet de eerste kleur neer in het gebied waar hij vol moet zijn, en stop ruim voor de plek waar de overgang komt. Houd deze laag bewust mager.
  3. Werk de eerste kleur uit richting het midden met snelle, doorlopende halen. Laat hem geleidelijk ijler worden, zonder een duidelijke eindlijn.
  4. Neem de tweede kleur en spuit die vanaf de andere kant naar het midden toe, op dezelfde manier. Laat hem het uitgelopen deel van de eerste kleur overlappen.
  5. Wissel af tussen beide kleuren in het overlapgebied, telkens met dunne lagen, tot je geen band meer ziet.
  6. Loop een paar stappen achteruit en kijk. Van dichtbij zie je altijd korrels, van drie meter zie je of de overgang klopt.

Of je van licht naar donker gaat of andersom mag je zelf kiezen, zolang je het consequent doet. Van donker naar licht dekt de lichte kleur moeilijker en heb je meer lagen nodig. Van licht naar donker gaat sneller, maar de donkere kleur neemt makkelijk het hele middengebied over als je hem te lang laat gaan.

Oefenen zonder verf te verspillen

Oefen fades liggend op karton of hardboard voordat je ze verticaal op een muur zet. Verticaal werkt de zwaartekracht tegen je. Een paar meter goedkoop karton en een handvol spuitbussen voor graffiti leveren meer op dan één poging op de muur. Ben je net begonnen, kijk dan ook naar de basisuitrusting in beginnen met graffiti: dit heb je nodig.

Werk je binnen of in een afgesloten ruimte, zorg dan voor doorstroming en draag een masker met dampfilter. Een stofmasker houdt de oplosmiddeldampen niet tegen.

Veelgestelde vragen

Welke cap gebruik ik voor een fade?

Een cap die breed en zacht verstuift, met een fijne nevel aan de rand van het spuitbeeld. Een smalle cap met harde straal geeft je juist een scherpe lijn en werkt tegen je bij het blenden.

Hoe ver moet ik van de muur staan bij het faden?

Voor het blenden zelf ongeveer dertig tot vijfenveertig centimeter. Dichterbij krijg je een dekkende vlek met harde rand, verder weg wordt de nevel zo droog dat hij slecht hecht.

Waarom krijg ik lopers in mijn overgang?

Omdat je te lang op dezelfde plek blijft of te dik opbouwt. Blijf tijdens het spuiten altijd bewegen en werk in meerdere magere lagen in plaats van één natte.

Kan ik faden met twee kleuren van verschillende soorten verf?

Blijf binnen dezelfde basis. Meng je oplosmiddelhoudende en watergedragen verf door elkaar, dan kan de bovenste laag de onderste optrekken of slecht hechten.